zaterdag 15 november 2008

Iets Australisch, en ook een battle of sexes

De volgende stad op mijn traject was Montpellier. Ik had er slechts één adres kunnen regelen via couchsurfing en ontving een recordaantal reacties die begonnen met ‘je suis désolé mais….’ Ik kwam terecht bij Chloé, een blonde Parisiènne die zich nog maar net bij CS (couchsurfing) had aangesloten. Chloé leefde samen met een vriendin, Samantha, die op haar kamer zat met een jongen – haar vriend, aan de geluiden te horen.

Er werden al snel enkele pintjes geopend en het werd gezellig. We aten een gratin van aubergines en dronken nog meer bier. Eén van de parisiens vertrok en twee vrienden van Chloé kwamen ons vergezellen, een Spanjaard en een Griek. Beiden spraken ze een soort Frans waar ik me goed bij voelde. Ik ging mee met hen een pint drinken in ‘l’Australien.’ Het werd leuk en ik ontmoette een leuk Zweeds meisje op het einde van de avond.

’s Morgens stonden verse chocoladebroodjes en croissants klaar. Ik at met smaak. De meisjes kwamen bij mij (in hun leefkamer) roken. Ze rookten veel, te veel naar mijn zin. Maar ik hield nederig mijn mond. Er zouden mij twee Australische couchsurfers komen vergezellen. Ik werkte wat op mijn pc met op de achtergrond mijn muziek. Later kwamen de Australiërs binnen. Hun accent was heerlijk. Ze overspoelden ons met woorden ‘sweeet!’, ‘excelent!’, of ‘that’s great!’ - Chloé verstond er zelf weinig van. Ze wou nochtans haar Engels oefenen, zei ze. Maar er was duidelijk nog veel werk.

Chloé vertrok naar de les en ik ging mee met Shannon en Marc, de Australiërs, voor een fietstochtje door de stad. Eén euro voor vier uur fietsen: goed plan. Het was grappig: ze waren duidelijk gewoon van links te rijden. Bovendien hadden ze van verkeersregels weinig kaas geheten. Ik volgde ze door de voetgangerszones, slalommend in de onvoorspelbare meute.

We kochten wat pintjes en gingen op een bankje zitten. Shannon vertelde een gekke annecdote dat hij met zijn auto met enkele jongens op het dak slingerde over een aardewegje aan zestig mijl per uur, dat er vervolgens een kangeroe voor de auto kwam lopen die stenen opwierp op zijn voorruit, maar dat hij het gelukkig overleefd had. Ik kreeg er de slappe lach van. Het was nochtans geen grap.

We gingen wat inkopen doen voor een avondmaal en we kochten wat bier. We bleven de hele nacht drinken en babbelen, en zingen en gitaar spelen (of in mijn geval: zacht meeneuriën of geamuzeerd glimlachen). Shannon bleek een singer/songwriter met een sterke stem.

Vroeg in de ochtend vertrokken de Australiërs. Ik bleef doorslapen. Later installeerde ik me weer met mijn pc en wat muziek in de zetel. De dag ging min of meer onopgemerkt voorbij. Het was snel avond. Chloé bleek in de stad te zitten bij iemand wiens naam Samantha aan de telefoon een ‘aaaahmmm’-geluid deed maken (iemand die ze trachtte te verleiden, zo bleek, met medeweten van Samantha).

Om 11u45 kreeg ik een onverwacht telefoontje van Chloé. Ze vroeg of ik zin had iets te gaan drinken. Uiteraard, was mijn antwoord, en ik nam mijn spullen en ging naar de Comedie. De twee jongens die de vorige dag ook op bezoek waren gekomen, stonden aan de fontein te wachten. We gingen naar een bar, een bar met luide disco-muziek. (Ik heb het niet zo voor disco. Er waren wel ontzettend veel mooie meisjes aanwezig: dat compenseerde.) We bestelden een fles wijn voor ons vieren. Chloé typte een sms: ik zag over haar schouder dat ze ‘bezig was met haar Arabier te versieren.’ Eén van de twee jongens was Fewsi en was duidelijk van Arabische origine. Hij was niettemin modern, welbespraakt en net gekleed, met de typische metrosexuele accenten die hier vaak voorkomen in Montpellier.

Chloé ging erg subtiel tewerk. Ik had hoegenaamd nog nooit een meisje een jongen weten verleiden door middel van een taktiek. Ik zag er dan ook weinig vordering in tot stand komen. Er was wel een zekere spanning. En ik zat er middenin. Het was vreemd. Ik leek in Fewsi's ogen langzamerhand van de status van concurrent tot die van weinig geïntegreerde immigrant gedegradeerd te worden. Mijn taalprobleem leek mijn mannelijkheid in het gedrang te brengen. Fewsi was het alfamannetje, ik werd het bètamannetje van de groep. Ik ben een slecht bètamannetje, maar ik overtuigde mijn eergevoel dat ik die taal wel snel zou leren.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten